07/03/2012

Rood licht

 

Je zal me nooit horen beweren dat het opvoeden van kinderen een makkelijke taak is, wel integendeel: zelf heb ik met 2 opgroeiende dochters, ééntje in het midden van de periode waarin hormonen ontluiken en elkaar bevechten voor een plaatsje aan het raam en een andere die zich weldra zal klaar maken om eveneens die uitdagende periode in te duiken, meer dan m’n handen vol en elke grijze haarstengel uit m’n wolkendek heeft zo z’n eigen verhaal over hoe het kwam dat de strijd tegen de gestage uittocht van het pigment verloren werd.
Ach, het maakt deel uit van het leven en het zal zo wel zijn nut hebben, al is het maar om een voedingsbodem te kunnen geven aan een goede verkoop van literaire werken geschreven door scherpzinnige of op z’n minst literair begaafde kinderpsychologen, een categorie die in de schaduw van de almaar groter wordende schare schrijver-koks deftig aan de weg timmert.

Beklagen doe ik me echter niet, want m’n beide oogappels verdienen elk op hun eigen manier wel een mooi plekje onder de zon en overdreven baldadig of sociaal storend gedrag is ons vooralsnog bespaard gebleven. Sof ar, so good!

Ben ik daarom dé perfecte papa? Hoe graag ik deze vraag ook absoluut positief zou willen beantwoorden, ik moet spijtig genoeg negatief antwoorden en nederig blijven. Maar: ik doe m’n best.
De opvoeding die we onze kinderen meegeven is principieel en, als ik zo om me heen kijk, eerder ouderwets, maar we staan er beide volledig achter en ik denk nog steeds –eigenlijk steeds meer- dat het de juiste weg is. Toegegeven, vooral onze oudste spruit, ondertussen eigenlijk al een serieuze bloemkool, durft al wel eens laten vallen dat ze enorm strenge ouders heeft (en ze heeft daarin vast en zeker gelijk), maar ik ben zelf ook niet direct losjes opgevoed en het is pas nu, zoveel jaren na datum dat ik inzie dat dit een noodzakelijk middel was dat hogere doelen met succes heeft gediend.
Streng maar rechtvaardig, zeg maar, hoewel dit laatste niet steeds zo wordt waargenomen … tja …

Opvoeden zou echter een pak makkelijker zijn wanneer de mensen rondom ons zich eens een beetje beter zouden inspannen om samen mee het goede voorbeeld te geven.
Een voorbeeldje: sinds ik terug in het centrum van Brussel werk neem ik elke ochtend de trein naar het werk. Om van het Brusselse noordstation tot aan m’n professionele habitat te raken, heb ik een 6 à 7 minuten stappen tot een goed einde te brengen, een onderneming die me ongeveer halfweg noopt tot het oversteken van een zebrapad met lichten. Eigenlijk zijn het 3 opeenvolgende zebrapaden met evenveel voetgangerslichten, elk met een eigen tussenberm. Wanneer het verkeerslichtmannetje (ach, hoe zeer hou ik van de vooral in Berlijn in gebruik zijnde uitdrukking ‘Ampelmänchen’) rood van kleur is, wel … dan wacht ik.
Ook wanneer er geen auto is.
Zo heb ik het mijn kinderen aangeleerd: licht = rood = stoppen en wachten. Licht = groen = kijk toch nog maar eens voor zekerheid -want er zijn meer idioten met een rijbewijs dan dat er de laatste 15 jaar mensen Clouseau in het Sportpaleis aan ’t werk hebben gezien- vooraleer je oversteekt en ga dan maar.
Omdat ik een grondige hekel heb aan de in klerikale kringen en bij het hoger management van de socialistische partij in gang zijnde regel ‘doe volgens mijn woorden, niet volgens mijn daden’ pas ik zelf ook deze overteekregel toe.
Wel, sinds een week of 2 hou ik voor de aardigheid de statistieken bij van hoeveel mensen er in hartje Brussel rekening houden met de stemmingswisseling van het sympathieke ventje op de verkeerslichten. Ik kan u verzekeren: de resultaten zijn onthutsend: van de enclave pendelaars die elke ochtend door de zilveren treinslang op het perron uitgebraakt wordt en dezelfde richting als uw dienaar uitgaan, gaan gemiddeld 26 (!) mensen het zebrapad op niettegenstaande een negatief advies van de verkeersregelaar.
Om een idee te geven van de machtsverhoudingen in oversteekland: op die 2 weken tijd heb ik slechts één (1!) keer het gezelschap gekregen van één (1!!) persoon die samen met mij een eindeloze 9 seconden gewacht heeft op het eerstvolgende groene signaal. Al de andere keren stond ik alleen in het gezelschap van mijn principes op wacht.

Ik weet het, dit alles klinkt onnozel en banaal, maar het is maar een voorbeeld van hoe onze maatschappij langzaam wegglijdt in het drijfzand van anarchie en egoïstische wetteloosheid. Hoe wil je ooit onze kinderen leren dat bepaalde regels onzinnig kunnen overkomen (waarom zou ik wachten bij een rood licht terwijl er geen auto aankomt?) maar noodzakelijk zijn om een samenleving zowel op globaal als op gezinsniveau op een veilige en duurzame manier draaiende te houden? Een kind volgt nu eenmaal veeleer het voorbeeld van een volwassene dan dat het luistert naar diens woorden, hoe zou je zelf zijn? Hoe zouden die gemiddeld 26 personen reageren wanneer ze de tijding krijgen dat hun eigen kind daar een wagen werd gegrepen terwijl het nog snel een weg overstak, niettegenstaande het voetgangerslicht rood was / het de moeite niet nam om die toch niet zo onoverbrugbare 7 meter naar de eerstvolgende veilige oversteekplaats af te leggen / zonder kijken naar de overkant rende / …? Het zal dan wel weel de schuld van die ander zijn, en dikwijls is dat ook zo, maar soms ook niet.

Zou ik langs deze weg iedereen mogen vragen om mee te werken aan het opvoeden van de volgende generatie door het geven van het goede voorbeeld? Het is de enige manier (we zouden ook kunnen wachten tot onze politieke leiders hun verantwoordelijkheid zouden opnemen, maar ik denk dat eerder een in Afghanistan geboren mentaal gehandicapte pygmee president van Amerika zal worden dan dat dit gebeurt …) om de ongevalstatistieken (die dit jaar sterk gestegen zijn!) in positieve zin te beïnvloeden.

Ik dank U!

 

22:29 Gepost door Geert | Permalink | Commentaren (5) |  Facebook |

Commentaren

Hewel, marathon man, of Ampelman :) , ik volg je maar gedeeltelijk in je betoog. Eigenlijk meer niet dan wel.
Ja, als er kinderen in de onmiddellijke buurt zijn van zo'n verkeerslicht, misschien zelfs samen met jou staan te wachten voor zo'n rood Ampelmänchen. Aan dezelfde kant van de straat of aan de overkant, om 't eender.
Ja, als er auto's naderen die je van het zebrapad kunnen maaien...
Ja, als er een oudere, vergrijsde heer - in een regenmantel en met een vilten deukhoed - eveneens voor het rode licht staat te wachten.

Maar niet als de weg vrij is, als er geen auto's naderen, geen kinderen of oudere heren met een deukhoed in de buurt zijn. Ik vertik het om als voetganger voor een rood licht te wachten als dat voor niemendal nodig is. Als er kilometers in het rond geen reden te bespeuren is die mij hindert om veilig over te steken. Ik wil niet als voetganger door een rood licht verboden worden om gebruik te maken van de vrije (openbare) ruimte om te gaan en te staan waar ik wil. Wij moeten toch niet als levende wezens ingeblikt worden op voetpaden en zebrapaden, netjes ingetoomd door verkeerslichten en verbodsborden, alleen al omdat de heren Daimler en Benz ooit vervuilende auto's op de wereld hebben gezet? De wereld is toch niet van de auto, de ongebruikte restjes overlatend aan de voetgangers? Als ze braaf zijn? To hell with cars! Open space is ours! Geen rood licht moet mijn bewegingsvrijheid als pedestrian inblikken, miljaardenonde...! Dus ja, ik stap mee de straat over als er geen enkele reden is die mijn leven of dat van kinderen rondom mij, of mijne portemonnee bedreigt. Voilà!

Wat de oudere, grijze heer in de regenmantel betreft: wees daarvoor toch op je hoede! Ooit meegemaakt, vele jaren geleden, aan het Muntplein in hartje Brussel. Oversteekplaats van Anspachcenter naar Muntplein. Samen met enkele mensen wacht ik als voetganger voor een rood licht. Achter ons, op 5 meter, tegen de gevel van het Anspachcenter staat een vrouwelijke agente in uniform. A doublejoepiesie, zoals de Engelsen dat noemen.
Aan de overkant staat een oudere, grijze heer in een regenmantel, een vilten deukhoed op het hoofd, eveneens te wachten voor het rode licht.
Terwijl het licht nog rood is, stappen 3 mensen toch over. Immers geen auto's te bespeuren in een straal van 250 meter. Ik vond dat geen gedrag om zoiets te doen voor de ogen van een politieagente, dus blijf ik braaf staan. En gelijk had ik. De 3 overstekers worden immers bij het bereiken van de overkant van de straat door de oudere heer met de deukhoed aangesproken. De man haalt een kaart uit zijn jaszak, een politie id-kaart zo blijkt, roept de passief gebleven agente erbij en gebiedt haar om de 3 overstekende voetgangers op de bon te slingeren, terwijl hij erbij blijft staan. Jakkes! De actie leek mij meer bedoeld om de agente de les te lezen, maar je zal daar maar de nietsvermoedende voetganger geweest zijn. Opletten dus voor grijze deukhoeddragende ouwe venten in een regenjas. :))

Gepost door: navidad | 07/03/2012

Als trainen net zo moeilijk was als het opvoeden van kinderen dan was het snel gedaan met de loopsport :-)

Gepost door: Koen Martens | 09/03/2012

hip hip hoera voor de oude man met deukhoed!
Spijtig genoeg zijn de boetes in ons land nooit van dien aard om mensen de les te lezen ...

Gepost door: geert zelf | 09/03/2012

Très intéressant! Merci de nous faire partager ce post

Gepost door: cialis | 30/04/2013

iedereen verdient een mooie plek in de zon

Gepost door: Levitra | 28/07/2013

De commentaren zijn gesloten.